Bidden voor wonen of werken. Twaalfhonderd kerken worden de komende tien jaar overbodig. Hen wacht sloop of herbestemming. Iedereen hoopt op een waardige functie, maar niemand weet hoe dat te betalen. Voor de Julianakerk in de Haagse wijk Transvaal dreigde aan het einde van de jaren negentig sloop. Maar de gemeente Den Haag vond dat het markante gebouw met zijn zestig meter hoge toren behouden moest blijven, en kocht de kerk. Na een ingrijpende renovatie is het tegenwoordig een ontmoetings - en informatiecentrum.
Aan een ‘waardige' herbestemming, zoals een bibliotheek of expositieruimte, willen de meeste kerkbesturen meestal wel meewerken. Punt is dat een financier, bijvoorbeeld een projectontwikkelaar, wil (en moet) verdienen aan een investering. Niet alle leegstaande kerkgebouwen kunnen daarom de maatschappelijk-religieuze bestemming houden of bijvoorbeeld een expositieruimte worden. Dat zegt erfgoedmakelaar Jan-Willem Andriessen, directeur van Redres, een bedrijf gespecialiseerd in herbestemming van cultureel erfgoed. ‘Van kunst alleen kun je meestal niet leven.' Wonen, een van de belangrijkste trends op het gebied van kerkherbestemming, is volgens Andriessen een voorbeeld van ‘een functie die zijn eigen broek kan ophouden'. Sommige kerkbesturen zien nog liever dat het kerkgebouw wordt afgebroken dan dat het een ‘triviale' nieuwe bestemming krijgt, zegt UvA-docent Vermeer. Daarom willen ze niet dat hun kerk een monument wordt, omdat die daardoor minder snel gesloopt kan worden. ‘Zodra kerken genomineerd worden voor de status van monument, vragen de kerkbesturen een sloopvergunning aan.'
Lees verder.....