Mijn favorieten

monumenten in soorten en maten

In Nederland bestaan er meerdere soorten monumenten. Wonen of werken in een monument is bijzonder, uniek en uitdagend en kent onder bepaalde omstandigheden financiële en fiscale voordelen. Monumenten staan er vaak al een paar honderd jaar en de meeste eigenaars zijn trots op “hun” monument, maar realiseren zich ook dat ze slechts een passant zijn die een tijdje op het monument mag passen. Het feit dat een object een monumentale status heeft betekent dat het een bijzonder gebouw is dat voor het nageslacht en de geschiedenis van Nederland behouden moet worden.

De beschermde status van een monument gaat verder dan alleen de buitenkant van het pand. Zo valt bijvoorbeeld ook het interieur onder de bescherming. Het is niet zo dat u niets mag met een monumentaal pand, wel vraagt het om tijdige afstemming met uw gemeente. Van belang is dat het object zijn historische en unieke monumentale waarde behouden dient te worden. Meer informatie hierover kunt u vinden in de Gids Monumentaal wonen op te vragen via de website van monumenten.nl
 

Het soort monument bepaalt onder meer welke rechten en plichten u als eigenaar hebt, maar ook welke financiële mogelijkheden er zijn om onderhoud, restauratie of verbouwing te financieren. Er worden de volgende monumentensoorten onderscheiden:
 

  1. Rijksmonumenten
  2. Gemeentelijke Monumenten
  3. Provinciale Monumenten
  4. Beschermde Stads- en Dorpsgezichten
  5. Werelderfgoed

 

1. Rijksmonumenten

Nederland heeft bijna 62.000 rijksmonumenten. Dit zijn gebouwen of andere objecten die om hun nationale cultuurhistorische waarde door de rijksoverheid zijn aangewezen als beschermd monument. Ze zijn te vinden in het monumentenregister. In Nederland worden de volgende categorieën onderscheiden:
 

  • Gebouwen en Woonhuizen (circa 36.000 objecten)
  • Agrarische gebouwen (circa 7.500 objecten)
  • Losse objecten (circa 5.700 objecten)
  • Kerkelijke gebouwen (circa 4.300 objecten)
  • Openbare gebouwen (circa 2.800 objecten)
  • Verdedigingswerken (circa 1.900 objecten)
  • Molens (circa 1.275 objecten)
  • Weg- en waterwerken (circa 1.060 objecten)
  • Kastelen (circa 1.000 objecten)
  • Liefdadige instellingen (circa 450 objecten)
  • Horeca Instellingen (circa 210 objecten)

 

Iets meer dan de helft van alle Rijksmonumenten is een woonhuis en valt in de categorie ‘gebouwen en woonhuizen’ (36.000). De categorie ‘agrarische gebouwen’ volgt als tweede op grote afstand met in totaal 7.500 objecten. De kleinste categorie is die van ‘horeca-instellingen’ met ruim 200 geregistreerde objecten. Bent u in het bezit van een oud pand, een aanleg of een terrein, maar weet u niet of het de status van een rijksmonument heeft? Raadpleeg het monumentenregister

        

Als u op zoek bent naar een Rijksmonument heeft u de grootste kans deze te vinden in de provincie Noord Holland. Hier staan veruit de meeste Rijksmonumenten.


 

2. Gemeentelijke Monumenten

Een gemeente kan besluiten een bijzonder pand op de gemeentelijke monumentenlijst te zetten. Dit gebeurt als een pand geen nationale betekenis heeft, maar wel van plaatselijk of regionaal belang is. De gemeente legt haar monumentenbeleid vast in de gemeentelijke monumentenverordening. Op basis van verschillende bronnen is een schatting gemaakt van het totale aantal gemeentelijke monumenten in Nederland. Dit waren er eind 2015 in totaal 55.801. De gemeente met de meeste gemeentelijke monumenten is Utrecht met 3.491, gevolgd door Maastricht met 2.000 monumenten, gevolgd door Amsterdam (1.639), Leiden (1.574), Zeist (1.538), Apeldoorn (1.303), Den Haag (1.300), Haarlem (1.238) en Eindhoven (1.080). Er zijn 74 gemeenten die geen gemeentelijke monumenten hebben aangewezen.
 

3. Provinciale Monumenten

Noord-Holland en Drenthe zijn de enige provincies die provinciale monumenten hebben aangewezen. Niet alleen panden, maar ook dijken, grenspalen en gemeente-overschrijdende objecten kunnen deel uitmaken van een provinciale monumentenlijst. De lijst wordt samengesteld door de Provinciale Staten van de provincie. Als een pand op de lijst staat, betekent het dat het pand bescherming geniet vanuit de provincie. Bovendien dient de lijst als basis voor eventuele subsidietoezeggingen.
 

4. Beschermde Stads- en Dorpsgezichten

Ruim 400 gebieden in Nederland met een bijzonder cultuurhistorisch karakter zijn gekenmerkt als 'beschermd stads- of dorpsgezicht' en vallen daarmee onder het zogenoemde overgangsrecht in de Erfgoedwet. Panden binnen zo'n beschermd stads- of dorpsgezicht hebben echter niet automatisch de status van beschermd monument. Door de beschermde status blijft het historische karakter en de historische structuur behouden van gebieden die van algemeen belang zijn door hun cultuurhistorische waarde. Bovendien wordt de waarde en het belang van deze cultuurhistorische gebieden en beeldbepalende gebouwen erkend. Sinds 2012 wijst het Rijk geen nieuwe Rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten meer aan, met uitzondering van gebieden die nog in procedure zijn. Gemeenten houden in bestemmingsplannen voor bijzondere gebieden al (verplicht) rekening met cultuurhistorie. Een stads-of dorpsgezicht kan nog wel op gemeentelijk niveau als beschermd aangemerkt worden; dan gaat het om een gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht. Dit geldt voor gemeenten waar dit is vastgelegd in het gemeentelijk beleid. Voor meer informatie kunt u terecht bij uw gemeente.
 

5. Werelderfgoed

Werelderfgoederen zijn culturele of natuurlijke monumenten die mondiaal gezien uitzonderlijk en onvervangbaar zijn. Alleen als een monument is ingeschreven op de Werelderfgoedlijst van UNESCO mag het de titel Werelderfgoed dragen. Nederland heeft 10 door UNESCO erkende werelderfgoederen:
 

  • De Amsterdamse Grachtengordel
  • Stelling van Amsterdam
  • De Waddenzee
  • Droogmakerij de Beemster
  • Ir. D.F. Woudagemaal
  • Molencomplex Kinderdijk-Elshout
  • Rietveld Schröderhuis
  • Schokland
  • Willemstad Curaçao
  • Van Nellefabriek in Rotterdam


Het Werelderfgoedcomité van UNESCO beslist over uitbreiding van het Nederlandse aandeel op de Werelderfgoedlijst. Het Nederlandse kabinet draagt de erfgoederen wel voor. Deze komen op de Voorlopige Lijst 2016-2025 te staan.
 

  • Eise Eisinga Planetarium in Franeker
  • Koloniën van Weldadigheid (o.m. Veenhuizen en Frederiksoord; samen met de Belgische koloniën Wortel en Merksplas)
  • Nieuwe Hollandse Waterlinie
  • Teylers Museum Haarlem
  • Plantagesysteem op West Curaçao
  • Sanatorium Zonnestraal in Hilversum (inmiddels afgevallen)
  • Het eiland Saba
  • De Romeinse Limes (samen met Duitsland)
  • Bonaire Marine Park


De Voorlopige Lijst is in 2011 door de staatssecretarissen van Cultuur (ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) en van Natuur (ministerie van Economische Zaken) vastgesteld en bij het Werelderfgoedcomité ingediend. Deze erfgoederen worden in de periode 2016-2025 successievelijk voorgedragen.