Rijksmonumentale pastorie woning in het hart van Purmerend
Aan de Westerweg staat deze voormalige rijksmonumentale pastorie uit 1865 als een zelfstandig woongebouw in het open polderlandschap. Het pand ligt aan een historisch lint dat na de drooglegging van de Purmer in 1622 Ilpendam verbindt met Edam en Volendam. Waar tot het begin van de zeventiende eeuw het Purmermeer lag, ontstond na de droogmaking een rationeel ingericht landschap met rechte wegen, lange kavels en watergangen die zowel ontwatering als ontsluiting verzorgden. De Westerweg vormt daarin een logische structuurdrager, iets verhoogd aangelegd, met bebouwing die zich richt op de weg en het water. De kavelstructuur is helder en doelmatig, met lange zichtlijnen langs de sloten die het perceel begrenzen. De pastorie is met de voorgevel naar de weg georiënteerd en volgt daarmee de klassieke opzet van de Purmer: bouwen aan het lint, met het land erachter in gebruik. De schaal is die van een negentiende-eeuwse dienstwoning voor de predikant, representatief maar ingetogen, met een duidelijke hiërarchie tussen begane grond, verdieping en kap. Materiaalgebruik, symmetrie en vensterverdeling zorgen voor een rustige en goed leesbare architectuur die zich vanzelfsprekend voegt in de rationeel aangelegde polderstructuur.
ACHTERGROND EN GESCHIEDENIS
De voormalige pastorie aan de Westerweg 48 werd in 1865 gebouwd naar ontwerp van P.J. Hamer uit Amsterdam, gelijktijdig met de naastgelegen kerk. Nadat deze kerk in 1959 door brand verloren ging en later werd herbouwd, bleef de pastorie behouden en onafgebroken in gebruik als woning. Gedurende ruim anderhalve eeuw fungeerde het gebouw als zelfstandige gezinswoning voor de predikant. De woonfunctie is daarmee geen latere toevoeging, maar maakt integraal deel uit van het oorspronkelijke ontwerp en gebruik.
Purmerend ontwikkelde zich al vroeg als nederzetting aan het water. In de twaalfde en dertiende eeuw was sprake van een kleine stad met een gasthuis, een kasteel en eigen rechtspraak. In de vijftiende eeuw verkreeg Purmerend achtereenvolgens tolvrijheid, stadsrechten en marktrechten, in de periode tussen circa 1410 en 1450. Daarmee werd de basis gelegd voor een stedelijke functie die verder reikte dan het directe ommeland. De grote impuls volgde in de zeventiende eeuw, na de drooglegging van eerst de Beemster in 1612 en vervolgens de Purmer in 1622. Deze grootschalige landaanwinningen veranderden het economische landschap ingrijpend en maakten van Purmerend een marktstad met een belangrijke verzorgingsfunctie voor het omliggende platteland.
De Purmer werd drooggelegd door een samenwerkingsverband van de steden Purmerend, Edam en Monnickendam. Deze steden waren kapitaalkrachtig genoeg om substantieel bij te dragen aan de financiering van het project en invloedrijk genoeg om in Den Haag de benodigde toestemming en aanvullende middelen te verkrijgen. In de nieuw gewonnen polder verrezen boerderijen, herenhuizen en buitenplaatsen, maar ook ambachtelijke voorzieningen zoals smidsen en herbergen. De kerkvoogdij speelde een actieve rol in het dagelijks leven van het gebied en stichtte onder meer een schooltje om de nieuwe gemeenschap te bedienen.
Purmerend zelf profiteerde sterk van deze ontwikkeling. De stad groeide uit tot een regionaal handelscentrum met een grote veemarkt en een sterke positie in de agrarische handel. De trekvaartverbinding met Amsterdam, die al vóór de droogleggingen bestond, werd intensief gebruikt en kende in de zeventiende en achttiende eeuw een hoge frequentie, met meerdere dagelijkse afvaarten. De bestaande steden Edam en Monnickendam en het dorp Ilpendam profiteerden eveneens van de agrarische productie en handel in de droogmakerijen. De scheepvaart in dit gebied was al in de zestiende eeuw van betekenis en werd door de drooglegging niet gecreëerd, maar wel versterkt door de economische groei.
In de Purmer was vanaf de drooglegging een eigen kerkvoogdij actief. Pas in 1855 werd toestemming verkregen voor de bouw van een eigen kerk met bijbehorende pastorie, tegenover het reeds bestaande schooltje. Met de realisatie van kerk en pastorie ontstond een herkenbaar ensemble en vestigden zich meerdere neringen in de directe omgeving. Zo vormde zich het zogeheten Purmerbuurtje, een kleinschalige kern waarin wonen, religie, onderwijs en lokale bedrijvigheid samenkwamen. De pastorie aan de Westerweg is een bewaard gebleven onderdeel van deze ontwikkeling en markeert de samenhang tussen wonen, bestuur en religie in het jonge polderlandschap. Juist de combinatie van de oorspronkelijke woonfunctie, de situering aan het historische lint en de intact gebleven ruimtelijke opzet maakt deze pastorie bijzonder leesbaar als cultuurhistorisch document van de negentiende-eeuwse poldergemeenschap.
Het pand is ingeschreven in het rijksmonumentenregister onder nummer 512163 en valt daarmee onder de Erfgoedwet. Architectuurhistorisch is het gebouw van belang als goed bewaard voorbeeld van een ruim opgezette negentiende-eeuwse pastorie in eclectische trant, met een symmetrische opzet, een klassieke middengang en zorgvuldig uitgewerkte detaillering. Het perceel van circa 2.855 m² wordt grotendeels omsloten door water en groen en biedt een mate van rust en beslotenheid die binnen de bebouwde kom zelden voorkomt.
DE TOUR
De pastorie is bereikbaar vanaf de Westerweg via een dam met een duiker over de watergang. Daarnaast is een authentiek loopbruggetje aanwezig, dat nog altijd door de postbode wordt gebruikt. Dit bruggetje is toe aan restauratie, maar vormt een zeldzaam en functioneel element in het dagelijks gebruik van het erf. Via de hardstenen stoep aan de voorzijde maakt de centraal geplaatste entree de opzet van het gebouw direct leesbaar. Binnen ontvouwt zich een klassieke plattegrond met een middengang als ruggengraat van het huis. Deze as verbindt de verschillende ruimtes en verdiepingen en zorgt voor overzicht en samenhang. De kamers aan weerszijden profiteren van hoge vensters en een gelijkmatige lichtval, waarbij het daglicht gedurende de dag door het huis beweegt en telkens andere accenten legt op vloeren, wanden en plafonds. De overgangen tussen de ruimtes zijn rustig en logisch, zonder verlies van maat of schaal.
De trappartij naar de verdieping is bij de recente restauratie zorgvuldig aangepakt en verbindt de bouwlagen op een vanzelfsprekende manier. De ruimtelijke structuur blijft helder leesbaar en biedt ruimte voor eigentijdse aanpassingen, mits zorgvuldig afgestemd op het monumentale karakter en de geldende kaders. Binnen die structuur is sprake van duidelijke speelruimte. De positionering van functies per bouwlaag, de uitwerking van het interieur en de indeling van de kapverdieping bieden mogelijkheden voor een eigentijdse invulling, zolang deze in verhouding staat tot de schaal en het karakter van het gebouw. Juist die combinatie van een vastgelegde hoofdstructuur en flexibiliteit in gebruik maakt de pastorie geschikt voor verschillende woon- en werkvormen.
BEGANE GROND
De begane grond bestaat uit een centrale gang met aan weerszijden twee royale kamers. De maatvoering en plafondhoogte geven deze ruimtes een open en evenwichtig karakter. Hoge vensters zorgen voor een directe relatie met de tuin en het omliggende groen, waarbij het water aan de voorzijde steeds aanwezig is in het zicht. Deze verdieping leent zich voor functies als woonkamer, woonkeuken, werkkamer of praktijkruimte.
Aan de linkerzijde bevindt zich een ruimte van circa 30 m², met aan de achterzijde een uitbouw met extra uitgang richting het naastgelegen kerkperceel, geschikt als bijkeuken, extra entree of wasruimte. Aan de rechterzijde ligt de woonkamer van circa 38 m², met tegen de buitengevel een monumentale haardpartij. Alle ramen zijn gerestaureerd en voorzien van isolerend restauratieglas, waardoor de focus na aankoop volledig kan liggen op de verdere af- en inbouw van het interieur. In de gang bevindt zich een deur naar de achtertuin, een toilet en de trap naar de kelder. Deze kelder is beperkt toegankelijk en functioneel van aard.
VERDIEPINGEN
Via de steektrap wordt de eerste verdieping bereikt. Hier bevinden zich drie ruime kamers, geschikt als slaapkamers, werkkamers of logeervertrekken. Links van de overloop ligt een kamer van circa 28 m², rechts een kamer van circa 19 m² en een kamer van circa 16 m². De lichttoetreding is gelijkmatig verdeeld over de gevels en versterkt het gevoel van rust en overzicht. De verhouding tussen kamermaat, plafondhoogte en raamopeningen sluit aan bij de oorspronkelijke opzet en biedt ruimte voor een eigentijdse invulling. Aan het einde van de overloop bevindt zich een badkamer van circa 5 m². Nieuwe sanitaire voorzieningen kunnen binnen de bestaande structuur worden gerealiseerd.
KAPVERDIEPING
De kapverdieping is bereikbaar via een fraai uitgevoerde trap met halfronde opzet, een ambachtelijk element uit de bouwtijd. Boven bevindt zich eerst een ruime overloop, gevolgd door drie kamers. Op deze verdieping zal naar verwachting worden gekeken naar een aangepaste indeling. De draagstructuur is zichtbaar en leesbaar, wat deze verdieping geschikt maakt voor een atelier, werkruimte of extra slaapkamers. Vanuit de gemeente wordt het behoud van de twee voormalige dienstbodekamers en het zichtbaar laten van de gebogen balken nadrukkelijk meegegeven. Daglicht treedt binnen via dakkapellen in de as van het gebouw, waardoor ook deze verdieping een volwaardige plek inneemt binnen het geheel.
BIJGEBOUWEN
Op het perceel bevindt zich een garage, momenteel bereikbaar via het naastgelegen kerkperceel. Bij verkoop dient de toekomstige eigenaar een nieuwe entree aan de andere zijde te realiseren. Er wordt geen recht van overpad gevestigd over het kerkperceel.
PERCEEL EN BUITENRUIMTE
Het perceel van circa 2.855 m² wordt grotendeels omsloten door een historische grenssloot, wat zorgt voor een duidelijke afbakening en een gevoel van beslotenheid. De tuin ligt rondom het gebouw en biedt afwisseling tussen open gras, bestaande beplanting en zichtlijnen langs het water. De buitenruimte laat ruimte voor een eigen invulling, passend bij de schaal en het karakter van het monument. De afstand tot de weg en de groene context dragen bij aan een rustige woonomgeving binnen de stad. Er is ruime gelegenheid om naast de pastorie te parkeren op eigen erf via een brede toegang over de watergang. Een elektrische laadpaal met lantaarn is aanwezig. In de directe omgeving van de pastorie zijn eveneens ruime parkeermogelijkheden.
BESTEMMING EN MOGELIJKHEDEN
Volgens het geldende omgevingsplan heeft het pand de bestemming Maatschappelijk met de aanduiding bedrijfswoning. Bewoning als burgerwoning is momenteel toegestaan op basis van een tijdelijke omgevingsvergunning tot 15 augustus 2029. Een gemotiveerd traject is gestart om te komen tot een permanente woonbestemming, passend bij het historische gebruik en de huidige context. Daarbij speelt mee dat bewoning geen functiewijziging in historische zin betreft. De pastorie is vanaf de bouw in 1865 ontworpen en gebruikt als woonhuis voor de predikant en zijn gezin. Die oorspronkelijke woonfunctie vormt een inhoudelijk en historisch uitgangspunt bij de beoordeling van een permanente woonbestemming en sluit aan bij het huidige gebruik en de schaal van het gebouw binnen zijn omgeving. Binnen deze kaders zijn gebruiksvormen denkbaar als wonen, wonen en werken aan huis, atelier of praktijk, mits afgestemd met de gemeente en met respect voor de monumentale waarden.
BOUWKUNDIGE STAAT, SUBSIDIES EN VERDUURZAMING
Het casco is recent zorgvuldig gerestaureerd, met aandacht voor dak, gevels, kozijnen, glas, schilderwerk, lood- en zinkwerk en constructieve onderdelen. Er is een bouwkundig onderzoek beschikbaar voor het casco. Daarmee is de meest risicovolle fase afgerond. De verdere opgave ligt in de interieurafbouw, installaties, verduurzaming en afwerking. De aard van deze resterende opgave is daarmee vooral inhoudelijk en planmatig van karakter. De ingrepen aan casco, constructie en buitenschil, die bij monumenten vaak de grootste onzekerheden met zich meebrengen, zijn reeds uitgevoerd. Wat resteert is een fase waarin keuzes, afstemming en afbouw centraal staan, en niet het beheersen van bouwkundige risico’s. Dat maakt het pand overzichtelijk in gebruik en goed uitlegbaar binnen zowel financiële als planologische kaders.
De pastorie beschikt over energielabel G. Er is een onafhankelijk verduurzamingsadvies opgesteld, inclusief kostenraming, waarmee verbetering mogelijk is binnen de monumentale randvoorwaarden. Bij een rijksmonument vragen deze maatregelen om maatwerk en zorgvuldige afstemming, waarbij massieve bouwdelen, historische materialen en bouwfysisch gedrag uitgangspunt zijn.
Voor eigenaren die het pand als hoofdverblijf gaan gebruiken, kan de woonhuissubsidie voor rijksmonumenten van toepassing zijn. Deze landelijke regeling, uitgevoerd door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, biedt particuliere eigenaren de mogelijkheid jaarlijks subsidie aan te vragen voor een deel van de kosten van sober en doelmatig onderhoud aan het monumentale casco, waaronder dak, gevels, kozijnen en constructieve onderdelen.
Daarnaast biedt het Nationaal Restauratiefonds specifieke financierings- en adviesmogelijkheden voor monumenteigenaren, waaronder laagrentende leningen en duurzaamheidsadvies gericht op energiebesparende maatregelen bij monumenten. Bij dit soort trajecten is het gebruikelijk om gefaseerd te werken en daarbij gebruik te maken van gespecialiseerde adviseurs en uitvoerende partijen met ervaring in monumentaal vastgoed. Het gebouw vraagt geen experimentele oplossingen, maar een zorgvuldige voortzetting van een traject dat al in gang is gezet en waarvan de uitgangspunten helder zijn.
PURMEREND EN BEREIKBAARHEID
Purmerend ligt ten noorden van Amsterdam op de overgang van stad en polder. Via de A7 is Amsterdam in circa twintig minuten bereikbaar; de A8 en A10 sluiten hier logisch op aan. Hoorn, Zaandam en Edam-Volendam liggen op korte afstand. Purmerend beschikt over meerdere treinstations, waaronder Purmerend Overwhere en Purmerend Weidevenne, met frequente verbindingen richting Amsterdam Centraal. De treinverbinding naar Schiphol bedraagt circa een half uur. Op ongeveer 300 meter loopafstand bevindt zich een bushalte met een kwartierdienst naar Amsterdam, inclusief nachtbussen. De bushalte richting het centrum van Purmerend ligt op circa 50 meter. Met de snelfietsroute richting Amsterdam Centraal is de pont achter het Centraal Station per e-bike in iets meer dan een half uur bereikbaar. In de nabijheid ligt het Purmerbos met wandel- en fietspaden en ruiterroutes. Het polderlandschap en het veenweidegebied beginnen vrijwel direct buiten de bebouwde kom.
KORTOM
Deze voormalige pastorie is een rijksmonument met een heldere ruimtelijke structuur, een herstelde technische basis en een duidelijke toekomstopgave. Het gebouw biedt ruimte voor zorgvuldig gebruik en verdere afbouw.