LEREN KIJKEN NAAR ARCHITECTUUR #10: WAAROM DAKGOTEN ZOVEEL VERSCHILLEN
10/09 4 minuten

Verhalen

LEREN KIJKEN NAAR ARCHITECTUUR #10: WAAROM DAKGOTEN ZOVEEL VERSCHILLEN

De meeste mensen kijken tijdens een bezichtiging naar de voordeur, de ramen of het dak. De dakgoot krijgt zelden aandacht. Dat is opvallend, want juist de dakgoot vertelt vaak verrassend veel over de leeftijd van een gebouw, de bouwstijl, het gebruikte materiaal en de manier waarop regenwater eeuwenlang werd afgevoerd.

Wie eenmaal op dakgoten gaat letten, ontdekt dat er bijna geen twee hetzelfde zijn. Sommige zijn nauwelijks zichtbaar weggewerkt achter een kroonlijst, andere steken juist ver naar voren of rusten op rijk gesneden gootklossen. Dat is geen toeval. Achter iedere dakgoot schuilt een bouwkundige logica en vaak ook een verhaal over de tijd waarin het gebouw is ontstaan.

EEN DAKGOOT BESCHERMT HET GEBOUW

Zonder dakgoot zou regenwater rechtstreeks langs de gevel naar beneden stromen. Dat lijkt onschuldig, maar water is al eeuwen de grootste vijand van gebouwen. Metselwerk raakt verzadigd, voegwerk slijt sneller en houten kozijnen krijgen veel zwaarder te verduren.

Door regenwater gecontroleerd af te voeren, blijft een gevel droger en neemt de levensduur van een gebouw aanzienlijk toe. Een dakgoot is daarom veel meer dan een technische voorziening. Zij vormt een essentieel onderdeel van de architectuur en bepaalt mede hoe een gebouw de tand des tijds doorstaat.

 

NIET IEDERE DAKGOOT IS HETZELFDE

Wie beter kijkt, ontdekt al snel dat er veel verschillende soorten dakgoten bestaan. De meest bekende is de mastgoot, een halfronde goot die zichtbaar aan de dakrand hangt. Dit type komt veel voor bij woonhuizen, boerderijen en gebouwen uit de negentiende en twintigste eeuw.

Heel anders is de bakgoot. Die heeft een rechthoekige vorm en wordt vaak weggewerkt achter een kroonlijst. Vooral bij herenhuizen, monumentale panden en gebouwen met een klassieke gevel zie je dit type regelmatig terug. Van buiten lijkt de goot soms helemaal verdwenen, terwijl zij juist een belangrijk onderdeel van de constructie vormt.

Minder zichtbaar zijn de kilgoot en de zakgoot. Een kilgoot ligt op de plaats waar twee schuine dakvlakken samenkomen en voert het regenwater uit beide richtingen af. Een zakgoot ligt tussen twee gebouwen of twee dakvlakken en vraagt veel aandacht bij onderhoud, omdat bladeren en vuil zich hier gemakkelijk ophopen.

Daarnaast bestaan er verholen goten. Zoals de naam al aangeeft, zijn deze vrijwel onzichtbaar weggewerkt achter de gevel of achter een opstaande rand van het dak. Architectonisch levert dat een rustig gevelbeeld op, maar technisch zijn verholen goten vaak kwetsbaar. Wanneer een lekkage ontstaat, blijft die soms lange tijd onopgemerkt.

Ook de manier waarop een goot aan het gebouw is bevestigd verschilt. Een hanggoot hangt zichtbaar aan gootbeugels langs de dakrand, terwijl andere goten volledig onderdeel uitmaken van de dakconstructie.

 

OOK HET MATERIAAL VERTELT EEN VERHAAL

Niet alleen de vorm, maar ook het materiaal zegt veel over een gebouw.

Eeuwenlang werden dakgoten gemaakt van hout. Dat lijkt misschien kwetsbaar, maar goed onderhouden houten goten kunnen verrassend lang meegaan. Vaak werden ze later aan de binnenzijde bekleed met lood of zink om lekkages te voorkomen.

Vanaf de negentiende eeuw verschenen steeds vaker gietijzeren goten. Dankzij de industriële revolutie konden deze op grotere schaal worden geproduceerd. Gietijzer maakte niet alleen nieuwe vormen mogelijk, maar werd ook regelmatig voorzien van fraaie profileringen die perfect aansloten bij de architectuur van het gebouw.

Tegelijkertijd werd zink steeds populairder. Het materiaal was relatief licht, goed te verwerken en uitstekend bestand tegen weersinvloeden. Bij kerken, buitenplaatsen, villa’s en representatieve gebouwen werd ook koper toegepast. Dat materiaal gaat zeer lang mee en krijgt na verloop van tijd de karakteristieke groenblauwe patinalaag.

Wie het materiaal van een dakgoot herkent, krijgt vaak al een eerste indruk van de bouwperiode of van latere verbouwingen.

 

LET OOK OP DE DETAILS

Een dakgoot bestaat uit meer onderdelen dan alleen de goot zelf. Onder veel historische goten bevinden zich gootklossen: houten dragers die de goot ondersteunen. Bij eenvoudige gebouwen zijn ze nauwelijks bewerkt, terwijl ze bij monumentale panden soms rijk zijn geprofileerd en een belangrijk onderdeel van de gevelcompositie vormen.

Ook de afwerking van de goot verdient aandacht. Zo komen kraalprofielen regelmatig voor langs de voorzijde van zinken goten. Deze omgezette rand zorgt niet alleen voor extra stevigheid, maar geeft de goot ook een verfijnde uitstraling.

Regenwater verdwijnt vervolgens via de HWA, de hemelwaterafvoer. Ook een regenpijp is vaak zorgvuldig opgenomen in het ontwerp van de gevel. Bij monumentale gebouwen zie je bovendien regelmatig een vergaarbak, waarin water uit verschillende goten samenkomt voordat het wordt afgevoerd. Soms gebeurt de afvoer via een spuwer, een opening waardoor overtollig water gecontroleerd naar buiten stroomt wanneer een goot of afvoer de hoeveelheid regen niet meer kan verwerken.

Juist deze onderdelen vallen nauwelijks op zolang ze goed functioneren. Pas wanneer ze ontbreken of onzorgvuldig zijn vervangen, merk je hoeveel invloed ze hebben op de uitstraling én de duurzaamheid van een gebouw.

 

EEN LEKKENDE GOOT VERTELT OOK EEN VERHAAL

Tijdens een bezichtiging kijk ik altijd even omhoog wanneer het kort daarvoor heeft geregend. Donkere vochtplekken onder een dakgoot, groene aanslag op de gevel of plaatselijke beschadigingen van het metselwerk vertellen vaak dat de waterafvoer aandacht vraagt.

Dat betekent niet automatisch dat een gebouw slecht is onderhouden. Iedere dakgoot vraagt onderhoud. Bladeren, mos en vuil zorgen ervoor dat water niet goed weg kan. Juist omdat een goot zo onopvallend is, wordt zij gemakkelijk vergeten.

Vaak ontstaat schade niet doordat een goot oud is, maar doordat zij jarenlang niet is schoongemaakt of kleine gebreken onopgemerkt zijn gebleven.

 

WATER ZOEKT ALTIJD ZIJN EIGEN WEG

Als bouwkunstmakelaar sinds 2003 merk ik dat veel mensen vooral oog hebben voor zichtbare onderdelen van een gebouw. Toch bepalen juist de technische details vaak hoe goed een monument of historische woning de tand des tijds doorstaat.

Bij redres kijken we daarom niet alleen naar de architectuur, maar ook naar de manier waarop een gebouw water afvoert. Een dakgoot lijkt misschien een bescheiden onderdeel van een gebouw, maar vertelt verrassend veel over de bouwperiode, het vakmanschap van de timmerman, de keuze van materialen en de zorg waarmee een gebouw door de eeuwen heen is onderhouden.

 

EEN GOEDE DAKGOOT VALT EIGENLIJK NIET OP

Dit is het tiende deel van Leren kijken naar architectuur. In deze serie laat ik zien dat achter alledaagse bouwkundige onderdelen vaak een veel groter verhaal schuilgaat. Een dakgoot lijkt misschien een technisch detail, maar vertelt over constructie, materiaalgebruik, onderhoud en de ontwikkeling van de architectuur.

Misschien is dat wel de grootste verdienste van een goede dakgoot. Zolang zij haar werk doet, valt zij nauwelijks op. Pas wanneer je leert kijken, ontdek je hoeveel kennis, vakmanschap en geschiedenis zich verschuilen langs de rand van een dak.

Een serie van Jan-Willem Andriessen, bouwkunstmakelaar sinds 2003, oprichter van redres en specialist in architectuur, monumenten en bijzonder vastgoed.

Dromen met Redres