Verhalen
LEREN KIJKEN NAAR ARCHITECTUUR #20: WAAROM OUDE HUIZEN ZOVEEL SCHOORSTENEN HEBBEN
Wie een historisch huis bekijkt, ziet meestal eerst de gevel, de ramen of het dak. Toch loont het om ook omhoog te kijken. Vooral bij monumenten en karakteristieke woningen zijn schoorstenen veel meer dan een technische voorziening. Ze laten zien hoe een gebouw werd verwarmd, hoe de plattegrond was opgebouwd en zelfs hoeveel welvaart de bewoners genoten. Wie leert kijken naar schoorstenen, ontdekt dat het dak vaak net zoveel informatie bevat als de gevel.
Bij oudere gebouwen is het bovendien heel normaal dat één woning meerdere schoorstenen heeft. Dat lijkt tegenwoordig overdreven, maar eeuwenlang was het de logische uitkomst van de manier waarop huizen werden gebouwd en verwarmd.
IEDERE HAARD HAD EEN EIGEN ROOKKANAAL
Voordat centrale verwarming bestond, werd iedere ruimte afzonderlijk verwarmd. De keuken had een eigen haard, de salon een schouw, de eetkamer een kachel en ook slaapkamers kregen soms een eigen vuurplaats. Iedere haard had een eigen rookvang waarin de rook werd opgevangen en afgevoerd naar een afzonderlijk rookkanaal. Uiteindelijk kwamen die rookkanalen boven het dak samen in één of meerdere gemetselde schoorstenen.
Daardoor groeiden schoorstenen uit tot een belangrijk onderdeel van het ontwerp. Achter één gemetselde schoorsteen gaan vaak meerdere rookkanalen schuil. Bij grotere herenhuizen kunnen dat er soms zes, acht of zelfs meer zijn. Van buiten zie je één schoorsteen, terwijl zich daarbinnen een compleet netwerk van rookkanalen bevindt. Wie de positie van de schoorstenen begrijpt, kan vaak al veel afleiden over de oorspronkelijke indeling van een gebouw.
EEN SCHOORSTEEN VERTELT IETS OVER DE PLATTEGROND
Een ervaren bouwhistoricus kan aan de positie van een schoorsteen vaak al een eerste indruk krijgen van de oorspronkelijke plattegrond. Schoorstenen staan zelden willekeurig. Ze bevinden zich meestal op plaatsen waar meerdere vertrekken op elkaar aansluiten, zodat verschillende haarden op één schoorsteenlichaam konden worden aangesloten.
Tijdens verbouwingen verdwijnen haarden en schoorsteenmantels regelmatig, terwijl de schoorsteen zelf blijft staan. Daardoor geeft een schoorsteen soms meer informatie over de oorspronkelijke woning dan de huidige indeling. Achter een dichtgezette schouw bevindt zich regelmatig nog een volledig rookkanaal dat herinnert aan de manier waarop het huis ooit werd gebruikt.
OOK DE SCHOORSTEEN ZELF VERANDERDE
De oudste schoorstenen waren relatief eenvoudig gemetseld. Naarmate de architectuur zich ontwikkelde, werden zij steeds verfijnder uitgevoerd. Vooral tijdens de renaissance, het classicisme, de neorenaissance en de jugendstil kregen schoorstenen siermetselwerk, rollagen, natuurstenen afdekkingen en zorgvuldig gevormde schoorsteenkoppen. Bij sommige gebouwen werden zelfs spekbanden of decoratieve metselaccenten toegepast om de schoorsteen onderdeel te maken van de gevelcompositie.
De bovenzijde werd vaak afgedekt met een natuurstenen ezelsrug of een zorgvuldig gemetselde afdekking die regenwater snel afvoerde en het metselwerk beschermde. Op landhuizen, villa’s en buitenplaatsen werden schoorstenen bewust opgenomen in het architectonische ontwerp. Zij doorbraken de daklijn, versterkten het silhouet van het gebouw en brachten evenwicht in de compositie van het dak. Juist daardoor behoren schoorstenen niet alleen tot de techniek van een gebouw, maar ook tot de architectuur.
SCHOORSTEENPOTTEN, VONKENVANGERS EN LOODSLABBEN
Wie goed kijkt, ontdekt dat ook de details veel vertellen. Op veel monumenten staan boven op de schoorsteen één of meerdere schoorsteenpotten. Zij verbeterden de trekbevordering, beschermden het metselwerk tegen regenwater en verkleinden de kans dat vogels een nest in het rookkanaal bouwden.
Daarnaast zie je vonkenvangers, zorgvuldig aangebrachte loodslabben, natuurstenen afdekplaten en soms rijk uitgevoerd siermetselwerk. Geen van deze onderdelen is toevallig. Samen bepalen zij de technische kwaliteit én het uiterlijk van de schoorsteen.
TREK WAS EEN KWESTIE VAN VAKMANSCHAP
Een goed werkende schoorsteen ontstaat niet vanzelf. De hoogte van het rookkanaal, de doorsnede, de plaats op het dak en zelfs de overheersende windrichting beïnvloeden de trek. Dat geldt tegenwoordig nog steeds voor traditionele haarden, terwijl moderne installaties meestal gebruikmaken van een afzonderlijke rookgasafvoer die technisch heel anders werkt dan een historisch gemetseld rookkanaal.
Bouwmeesters hielden daar al eeuwen geleden rekening mee. Een schoorsteen die te laag was, trok slecht. Was hij juist te hoog, dan nam de belasting op de kapconstructie toe. Achter een goed functionerende schoorsteen gaat daarom verrassend veel bouwkundige kennis schuil.
EEN SCHOORSTEEN SLOPEN IS VAAK EEN AMPUTATIE VAN HET DAK
Sinds de komst van centrale verwarming zijn veel schoorstenen technisch overbodig geworden. Dat betekent echter niet dat zij architectonisch overbodig zijn. Integendeel.
Tijdens renovaties zijn in de tweede helft van de twintigste eeuw duizenden schoorstenen verdwenen. Vaak gebeurde dat vanuit praktisch of financieel oogpunt. Vanuit architectonisch perspectief is dat echter regelmatig een verarming. Een oorspronkelijke schoorsteen bepaalt namelijk de verhoudingen van een dak, het silhouet van een gebouw en het karakter van het straatbeeld.
Ik zie het verdwijnen van een historische schoorsteen daarom vaak als een amputatie van het daklandschap. Het gebouw verliest een onderdeel dat misschien geen functie meer heeft voor de verwarming, maar nog altijd onmisbaar is voor de architectuur. Net zoals je geen toren van een kerk verwijdert omdat de klokken elektrisch worden aangedreven, haal je een schoorsteen niet weg omdat de cv-installatie het werk heeft overgenomen.
Gelukkig groeit het besef dat schoorstenen een wezenlijk onderdeel vormen van monumenten en karakteristieke gebouwen. Bij restauraties worden zij daarom steeds vaker behouden of zorgvuldig hersteld. Zelfs wanneer het oorspronkelijke rookkanaal niet meer wordt gebruikt, blijft de schoorsteen van grote waarde voor het silhouet en de identiteit van een gebouw.
VAN SCHOORSTEENVEGER TOT PREFAB SCHOORSTEEN
Eeuwenlang hoorde ook de schoorsteenveger bij het onderhoud van ieder huis. Regelmatig vegen was noodzakelijk om roetophoping en schoorsteenbrand te voorkomen. Tegenwoordig komt dat ambacht minder vaak voor, maar bij woningen met een houtkachel of open haard blijft het nog altijd essentieel.
In de moderne woningbouw zie je bovendien steeds vaker een prefab schoorsteen. Technisch functioneert zo’n systeem uitstekend, maar architectonisch is het nauwelijks te vergelijken met een traditioneel gemetselde schoorsteen die vanaf de fundering onderdeel uitmaakt van het ontwerp van een gebouw. Dat verschil laat mooi zien hoe techniek en architectuur zich ieder op hun eigen manier hebben ontwikkeld.
OOK HET DAK VERTELT DE GESCHIEDENIS VAN EEN GEBOUW
Als bouwkunstmakelaar sinds 2003 kijk ik tijdens een bezichtiging altijd naar het complete gebouw. De aandacht gaat vaak uit naar gevels, kozijnen en interieurs, terwijl juist het dak verrassend veel informatie bevat. De positie van de schoorstenen, de vorm van de schoorsteenkoppen, het metselwerk en de detaillering laten zien hoe een gebouw is ontworpen, verwarmd en gebruikt.
Bij redres proberen we gebouwen daarom altijd als geheel te begrijpen. Een schoorsteen is veel meer dan een afvoer voor rook. Hij maakt deel uit van het silhouet, de compositie en de identiteit van een gebouw. Juist daarom verdient hij dezelfde aandacht als een gevel, kapconstructie of monumentale voordeur.
MEER DAN EEN AFVOER VAN ROOK
Dit is het twintigste deel van Leren kijken naar architectuur. In deze serie laat ik zien dat gebouwen veel meer vertellen dan we op het eerste gezicht vermoeden. Een schoorsteen lijkt misschien een technisch onderdeel van een dak, maar laat zien hoe mensen woonden, verwarmden, bouwden en nadachten over architectuur. Wie voortaan omhoog kijkt naar de schoorstenen van een monument of karakteristieke woning, ziet niet alleen baksteen en lood, maar een essentieel onderdeel van het Nederlandse gebouwde erfgoed.
In het volgende deel van deze serie kijken we naar dakkapellen. Waarom verschillen ze zo sterk van vorm en waarom bepaalt een goed ontworpen dakkapel vaak de uitstraling van een compleet dak?
Een serie van Jan-Willem Andriessen, bouwkunstmakelaar sinds 2003, oprichter van redres en specialist in architectuur, monumenten en bijzonder vastgoed.