Wie aan een oud huis denkt, ziet vaak vanzelf een gevel met luiken voor zich. Soms zijn ze groen met witte zandlopers, soms diepblauw, zwart, rood of voorzien van een streekgebonden patroon. Op veel monumenten hangen ze nog altijd naast de ramen, terwijl ze zelden nog dagelijks worden gebruikt. Daardoor ontstaat gemakkelijk het idee dat luiken vooral decoratief zijn geworden.
Dat is een misverstand. Eeuwenlang behoorden luiken tot de meest functionele onderdelen van een gebouw. Ze beschermden tegen weer en wind, hielden kou en hitte buiten, boden veiligheid en vertelden soms zelfs iets over de streek waarin een huis stond. Wie begrijpt waarom luiken ooit onmisbaar waren, ziet ze niet langer als versiering, maar als een logisch onderdeel van de architectuur.